naar top
Menu
Logo Print

ZELFRIJDENDE AUTO VRAAGT AANGEPAST WEGENNET

Bart Verhulst (Heijmans Infra) ziet onze wegen steeds slimmer worden

De infrasector staat onder druk. De investeringsbudgetten binnen de regionale en lokale overheden zijn niet van die aard om het bestaande wegennet afdoende te onderhouden, laat staan te investeren in nieuwe projecten. InfraStructure had een gesprek met Bart Verhulst, CEO binnen Heijmans Infra, een van de belangrijkste wegenbouwers van Vlaanderen. Hij ziet de conjunctuur op termijn opnieuw aantrekken en voorspelt dat de wegen van de toekomst steeds meer elektronisch zullen worden om slimme wagens autonoom te laten rijden, waardoor de capaciteit van het bestaande wegennet gevoelig zal toenemen.


COMPLEMENTAIR MET VAN DEN BERG

Heijmans Infra, actief in wegenbouw en rioleringen, maakt deel uit van de Nederlandse Heijmans Groep, een beursgenoteerde onderneming. “Wij vormen eigenlijk de Belgische poot die voornamelijk in Vlaanderen en Brussel actief is", steekt gedelegeerd bestuurder, Bart Verhulst, van wal. “We draaien ongeveer 80 miljoen euro omzet die wordt gerealiseerd met een honderdtal bedienden en een tweehonderdtal arbeiders. Naast ons hoofdkantoor in Schelle hebben we ook een bijkantoor in Bilzen, vanwaaruit we Limburg, de Kempen en Vlaams-Brabant bedienen. Daarnaast hebben wij een site specifiek voor beton en recyclage in Burcht en één in Bilzen. Met Heijmans bezitten we verder de helft van de firma Belasco, een asfaltbedrijf met sites in Bilzen, Puurs en Gent." Met Van den Berg beschikt Heijmans Infra over een zusterbedrijf dat gespecialiseerd is in leidingbouw en technische infrastructuur. “De bedoeling is om beide bedrijven in de toekomst steeds dichter tegen elkaar te laten aanleunen. De boekhouding en de personeelsdienst lopen bijvoorbeeld al samen. Onze activiteiten zijn immers perfect complementair. Wegwerkzaamheden omvatten immers altijd wel een stuk leidingbouw. Als we die activiteiten samen kunnen aanbieden, dan betekent dat voor onze klant onmiskenbaar een meerwaarde."

GESPECIALISEERD IN COMPLEXE WERKEN

Ongeveer 85% van het klantenbestand van Heijmans Infra bestaat uit overheden. “Daarbij mikken we eerder op de regionale overheden dan op de lokale", stelt Verhulst. “Het Agentschap Wegen en Verkeer, De Lijn, Aquafin, noem maar op. Dat zijn onze grootste klanten. Wij zijn vooral gespecialiseerd in werken met een complexe ondergrondse situatie, zoals een moeilijke rioleringssituatie of grote ondergrondse bekkens. Als dat dan nog eens gecombineerd wordt met een ingewikkelde binnenstedelijke uitdaging, dan voelen we ons helemaal als een vis in het water. Een combinatie van uiteenlopende disciplines, zoals burgerlijke bouwkunde, wegenis en sporen, is echt wel ons ding. Uiteraard doen we niet alles zelf, maar we verzorgen wel steeds de coördinatie als hoofdaannemer. Net door die combinatie bestaan onze klanten vooral uit hogere overheden. Klassieke gemeenten besteden immers vaak minder complexe werken aan. Die multidisciplinariteit is per definitie ons onderscheidende kenmerk. Enkel op die manier kunnen de ervaring en de slimheid van onze werknemers ten volle uitgespeeld worden."

DOORGEDREVEN STUDIE VERMIJDT FAALKOSTEN

Voorbereiding en studiewerk staan centraal bij Heijmans Infra.Enkel zo kan het terreinwerk efficiënt afgerond worden zonder faalkostenVoorbereiding en studiewerk staan centraal bij Heijmans Infra. “We hebben onze werknemers opgedragen om heel wat tijd te besteden aan het studiewerk. Een goede voorbereiding is het halve werk, zegt het spreekwoord. Maar in ons geval is dat dus daadwerkelijk zo. Enkel door een grondige studie kan het terreinwerk efficiënt afgerond worden zonder faalkosten. Dat lukt ook bij ons uiteraard niet altijd, maar de lat leggen we wel zo hoog."


GEEN GEKKE PRIJZEN

Deze economisch onzekere tijden treffen ook de diverse overheden in ons land. Een direct gevolg daarvan is de vaststelling dat er minder werken worden aanbesteed. Iets wat meteen voelbaar is in de infrasector. Al wil Bart Verhulst een en ander zeker niet dramatiseren. “Tja, het is nu eenmaal niet anders. Wij ondergaan deze evolutie. Als bedrijf kunnen we nu eenmaal geen markt creëren die er niet is. Wij proberen het hoofd aan deze situatie te bieden door nog meer op zoek te gaan naar die werken die op ons lijf geschreven zijn. De mogelijkheid om je marges aan te houden, is immers groter bij complexe werken dan bij eenvoudige en louter uitvoerende opdrachten. Bovendien heb ik er ook alle vertrouwen in dat deze dip maar tijdelijk is. Zo werkt een conjunctuur nu eenmaal. Een vijftal jaren geleden was het best druk in onze sector. Nu is het wat minder, maar dat komt wel weer terug. Tijdens de vorige hoogconjunctuur heb ik collega's zien verdubbelen qua omvang. Zij krijgen nu natuurlijk wel de terugslag van die hoge vlucht. Wij hebben er toen bewust voor gekozen om onze groei gestaag te houden, waardoor we de zaken nu meer onder controle hebben. Let wel: ook onze omzet kent momenteel een dieptepunt. Er mag gerust 10 tot 12 miljoen bij komen. Maar het is niet zo dat we gekke prijzen moeten insteken om onze mensen aan de slag te houden. We slaan er ons wel door."

NOG VEEL WERK AAN DE WINKEL

Toch moet er uitzicht zijn op beterschap. Bart Verhulst analyseert wat er volgens hem te gebeuren staat. “Ik ben ervan overtuigd dat er in de tijden van hoogconjunctuur in onze sector een bepaalde overcapaciteit werd opgebouwd. Die is er op dit moment weer aan het uitgaan. Dat is één evolutie. Enkele minder professionele of minder goed georganiseerde bedrijven gaan er tussenuit. Dat komt alleen maar de sector, de kwaliteit en finaal dus ook de klant ten goede. En ten tweede kunnen we nog altijd niet zeggen dat ons land over de beste infrastructuur ter wereld beschikt. Er is dus nog veel werk aan de winkel. Intrinsiek ben ik een echte believer dat de toekomst er mooi uitziet, maar het werk zal wel veranderen. Nieuw beton en asfalt zullen op slimme plekken moeten gelegd worden om het mobiliteitsprobleem aan te pakken. Daarnaast moet er meer ingezet worden op een structureel en gepland onderhoud. Onlangs vernieuwde de Vlaamse overheid de toplaag van de N16. Eigenlijk is dat een relatief goedkope investering voor een volledig nieuwe baan. Een collega heeft dat werk goed uitgevoerd. Maar dit toonde een visie bij de Vlaamse overheid. Die weg was eigenlijk zo slecht nog niet, maar toch heeft men ervoor geopteerd om preventief een nieuwe toplaag aan te brengen, zodat we daar althans weer voor jaren goed zitten. Nieuwe werven zijn dus één ding, het onderhoud van bestaande wegen is een ander."

“In onze sector is in tijden van hoogconjunctuur een overcapaciteit aangebouwd. Die gaat er nu weer uit" 

SLIMME WAGENS OP SLIMME WEGEN

De combinatie van steeds intelligentere auto’s met een slimme weg zal steeds prominenter worden. Dat denkt althans Bart Verhulst, CEO van Heijmans InfraEen van de evoluties die Bart Verhulst ook voor zich ziet, is het gegeven dat de weg steeds elektronischer zal worden. “De combinatie van steeds intelligentere auto's, al dan niet elektrisch, met een slimme weg zal steeds prominenter worden. Ik kan me bijvoorbeeld voorstellen dat wanneer je in de toekomst van Gent naar Antwerpen moet, je een slot koopt op de E17. Je stapt in en de auto van de toekomst brengt je probleemloos naar je bestemming. Door middel van bijvoorbeeld adaptive cruise control kunnen wagens op 20 centimeter van elkaar rijden, wat meteen de capaciteit van de bestaande infrastructuur verhoogt. Conceptueel is een en ander al perfect realiseerbaar. Het zal uiteraard wel nog een tijdje duren vooraleer dit doordringt in de mindset van de gemeenschap, maar ik geloof er alvast absoluut in. Dat biedt heel wat kansen, misschien minder voor de meer klassieke wegenbouwer, Heijmans Infra, maar zeker voor onze combinatie met Van den Berg. Onze zusteronderneming participeert bijvoorbeeld nu al in een groot spoorwegenproject, met name ETCS2. Eigenlijk is dat een veiligheidsproject waardoor treinen beter kunnen communiceren met de seininrichting. Maar we moeten niet naïef zijn. Dat is de eerste stap richting volautomatische treinen. Maar tegelijk houdt dit systeem de mogelijkheid in om de huidige lijnen te verdubbelen qua capaciteit omdat de treinen veel dichter achter elkaar kunnen rijden."


MULTIDISCIPLINAIRE WEGEN VERONDERSTELLEN DITO PERSONEEL

Een verdubbeling van capaciteit van de spoor- en weginfrastructuur is per definitie slecht nieuws voor een groot infrabedrijf dat enkel leeft van het aanleggen van die infrastructuur. “Vanuit een kortzichtige visie zou die stelling kloppen", zegt Bart Verhulst. “Daarom leggen wij zo sterk de nadruk op onze samenwerking met Van den Berg. Op termijn moeten beide firma's heel nauw met elkaar verweven worden. Eigenlijk komt het hierop neer: als de weg van de toekomst multidisciplinair wordt, dan moet je ervoor zorgen dat je mensen dat ook worden. Het uitvoeringsaspect zal wel lukken. Dat hebben we nu al onder controle. Maar de conceptuele kant van het verhaal, daar is nog werk aan. Net daarom denken we constant na over welke competenties we nog nodig hebben om helemaal gewapend te zijn voor die boeiende toekomst."

KILOMETERHEFFING ALS NIEUWE FINANCIERINGSBRON

In afwachting van die toekomstplannen ziet Bart Verhulst echter nog heel wat werk weggelegd voor de infrasector. “Er zal sowieso over budgetten gesproken moeten worden", stelt hij. “Het huidige geld is volgens mij immers amper toereikend om gewoon onderhoud aan de wegen uit te voeren, laat staan dat er middelen voor nieuwe projecten vrijgemaakt worden. Ook in onze sector wordt steen en been geklaagd over de eerder dit jaar doorgevoerde kilometerheffing. Maar we moeten verder kijken dan onze neus lang is. De fondsen uit die heffing vormen immers dé nieuwe financieringsbron van onze sector. Het is immers logisch dat wie betaalt voor het gebruik van een weg, in ruil daarvoor een perfect onderhouden weg krijgt. Dat is een zeer legitieme verwachting. En ik ben er niet per definitie tegen dat iemand die per se tijdens het spitsuur door de Kennedytunnel wil rijden, meer betaalt dan iemand die dat in de loop van de voormiddag doet. Dat is ook de enige manier waarop we een gedragsverandering bij de burger en de ondernemingen zullen realiseren."

HOGE LOONKOST COUNTEREN

De infrasector blijft voorlopig althans vrij arbeidsintensief. Ook Heijmans Infra stelt een 300-tal mensen tewerk. “Voor onze omzet is dat echter relatief weinig", meent Verhulst. “Maar dat neemt niet weg dat ook wij de hoge loonlasten in ons landje moeten ondergaan. Al is dat eigenlijk ook een genuanceerde discussie. Laat me beginnen met te stellen dat de loonlasten hier sowieso te duur zijn. Het heeft geen zin dat men de tak afzaagt waar men finaal op blijkt te zitten. Uiteindelijk zijn het de bedrijven die toegevoegde waarde creëren, die al de anderen onderhouden. Is dat evenwicht er niet, dan kan men wel nog even de blik op de bestaande vermogens richten, maar daarna houdt het op. Aan de andere kant van het verhaal merk je dat wij geen exportproduct hebben. Wij gaan geen weg in China leggen. Tegelijk is er wel een enorme instroom van goedkope arbeidskrachten. Die tendens is volgens mij onomkeerbaar en zelfs deels gewenst. Dat creëert een soort arbeidsherverdeling over de hele Europese Unie of zelfs nog ruimer. Daarnaast hebben we Belgische werknemers die dubbel zo hard, dubbel zo efficiënt en dubbel zo gefocust werken. In zo'n geval maakt de loonkost niet zoveel uit. Dergelijke mensen zijn hun geld meer dan waard, niet alleen omdat ze meer werk verzetten maar ook en vooral omdat bij hen dure faalkosten vermeden kunnen worden. Vakmanschap, goeie communicatie, attitude en arbeidseer vallen moeilijk in euro's uit te drukken."

OPEN VOOR SCHOOLVERLATERS

Elke onderneming leeft maar bij de gratie van haar personeel. Dat is bij Heijmans Infra niet anders. “Daarbij hebben wij altijd het principe gehuldigd dat schoolverlaters bij ons aan de bak kunnen", poneert Bart Verhulst. “Dat is altijd zo geweest en zal altijd zo blijven. Die aanpak heeft verschillende voordelen: vooreerst verzeker je je van voldoende werkkrachten. Maar daarnaast breng je ook schoolkennis en nieuwe tendensen binnen. Elk bedrijf heeft bovendien verjonging nodig. Maar daartegenover staat natuurlijk een kost. Jonge mensen genereren faalkosten. Die zijn niet zelden een veelvoud van wat hun loon ons kost. Die proberen we te vermijden door hen intensief te begeleiden."


EXPERTISE VERDER AANVULLEN

Heijmans Infra bepaalt niet exclusief zijn eigen strategie omdat het deel uitmaakt van een grotere groep. “Uiteraard hebben we daar wel een belangrijke stem in. Dat is nogal logisch. Over een vijftal jaar willen we een doorgedreven organisatie van Heijmans Infra en Van den Berg in alle geledingen. Eigenlijk mag het dan niet meer uitmaken uit welke tak een bepaald personeelslid komt. We moeten komen tot één organisatie met één gemeenschappelijk doel. Daarnaast willen we onze expertise hier en daar nog aanvullen met bepaalde nichekennis die voornamelijk toch die slimme weg ondersteunt. Zeg nooit nooit, maar we plannen bijvoorbeeld niet de aanwerving van nog eens dubbel zoveel rioolploegen. Tot slot moeten we ook nog groeien in kleine projecten rond de burgerlijke bouwkunde", besluit Bart Verhulst.